De fatale zeiltocht van Dieter Visser
NRC
Diabetespatiënt Dieter Visser werd ziek aan boord van een zeiljacht. Alle officiële en onofficiële hulptroepen rukten uit, toch overleefde hij het niet. ‘Waarom heeft niemand naar zijn bloedsuiker gevraagd?’
Vroeg in de ochtend, 31 oktober 2014. Dieter Visser (68) ligt naakt, half in een deken gewikkeld in een plasje water op de bodem van de kajuit van het zeiljacht Contentezza. Schipper Karel Diephuis (66), zijn zwager, heeft opnieuw alarm geslagen. Gedurende de nacht hebben ze hulptroepen zien komen en gaan. Nieuwe hulp is onderweg maar zal tevergeefs zijn. Diabetespatiënt Visser zal de wal niet levend bereiken.
De medische hulpverlening op de Noordzee schiet te kort en dat leidt ertoe dat mensen niet altijd effectieve, veilige en tijdige zorg krijgen, concludeerde de Onderzoeksraad voor Veiligheid in het vorige week gepubliceerde rapport Zorg tussen wal en schip. De ‘centralisten’ van de Nederlandse Kustwacht, die de noodoproepen binnenkrijgen, zijn bijvoorbeeld niet medisch geschoold, waardoor ze onvoldoende in staat zijn om ‘triage’ uit te voeren; te bepalen wat iemand aan boord mankeert.
De dood van Dieter Visser is een van de casussen waarop de Raad haar conclusies baseert. „Trieste casus die bij eerdere en andere beslissingen naar alle waarschijnlijkheid een andere afloop had gekend”, schrijft een van de hulpverleners, kapitein-vliegerarts Ary Vergunst, in zijn verslag van de reddingsactie. Medewerkers van de betrokken hulporganisaties – Kustwacht, de Koninklijke Nederlandse Redding Maatschappij (KNRM) en de particuliere Rederij Noordgat – zeggen dat het aanwijzen van een schuldige geen zin heeft. Ze willen wel leren van wat er gebeurd is en werken daarom mee aan dit artikel. Los van elkaar laten ze vallen hoe ze er over denken: „Een kapitein blijft altijd verantwoordelijk voor wat er op zijn schip gebeurt”. Schipper Diephuis, bedoelen ze, had ook anders kunnen handelen.
Lees hier verder.



